Ook voedingstherapie is weer een therapie die vanuit verschillende invalshoeken kan worden gebruikt. Er zijn verschillende voeders op de markt en elke voedingsdeskundige zal hier zijn eigen mening over hebben. Voor het natuurgeneeskundig toepassen van een voedingstherapie, is het belangrijkste element een voedingsadvies te geven dat past bij het individuele dier die past bij de leefsituatie van dat moment. Om hierin een goede keuze te maken, is het belangrijk de verschillende voeders te kennen. Goede voeding is namelijk de basis voor een goede gezondheid.
De voedingsbehoefte van elk dier varieert en kan ook bij een en hetzelfde dier steeds wisselen. Dit kan komen door de volgende invloeden:
● Lichamelijk inspanning
● Dracht
● Melkproductie
● Groei
● Seizoensinvloeden
● Omgevingstemperatuur
● Ziekte
● Verstoorde darmflora
● Mentale disbalans

Deze invloeden bepalen niet alleen een verhoogde of verlaagde behoefte, maar ook de mate waarin de aangeboden voeding wordt opgenomen door het lichaam van het dier. De voedingsbehoefte aanpassen op het individuele dier kan dus nog best een zoektocht zijn. Als een dier echter meer energie verbruikt dan hij binnen krijgt, zal hij afvallen. Krijgt hij meer aangeboden dan hij verbruikt dan zal het dier aankomen. In beide gevallen zal de voeding dan dus moeten worden aangepast.

Als het gaat om honden en katten voer bestaat er geen goede of slechte voeding. Al het hondenvoer dat op de markt is, moet aan kwaliteitseisen voldoen en volstaat dus. Bij goedkopere hondenvoeders zal de samenstelling van het voer wel vaker wisselen omdat de fabrikant gebruik maakt van wat er op dat moment ‘goedkoop’ te verkrijgen is op de markt. Pas als een hond het niet goed doet op bepaalde voeding, kan geconcludeerd worden dat de voeding ‘slecht’ is voor de hond.
Binnen de natuurgeneeskunde gaat de voorkeur uit naar het geven van vleesvoeding aan honden en katten. Zolang een hond het echter goed doet op ander voer is er ook voor een natuurgeneeskundig therapeut geen aanleiding om andere voeding te adviseren. Maar is er een probleem dan kan het adviseren van vleesvoeding een belangrijke bijdrage leveren aan het herstellen van de balans. Het moet echter wel passen bij de desbetreffende hond.
Naast het adviseren van een bepaald soort voeding kunnen ook andere adviezen behoren tot een voedingstherapie. Denk daarbij aan de frequentie van voeren en de manier waarop gevoerd wordt. Maar ook het geven van voedingssupplementen, lekkernijen en de wateropname vallen onder een voedingsadvies.